© 2003-2018
linksonder Evangelie Gemeente Diemen

Website van A tot Z
De GemeenteNieuwsAgendaDe 5 troeven
ActiviteitenBoekenContactDe schepping
Crèche & KinderwerkInterviews & getuigenissenDe Bijbel
Identiteit & visieISOMAutoroutesJezus Christus
TienersPrekenOpenbaar vervoerDe mens
Voorganger & oudstenStudiesParkerenDe Heilige Geest
Zending - Baan ZionTV-uitzendingenDe website van A tot Z

Home » Nieuws » Studies » Studie

Houden wij van de Vader?

Wat dunkt u? Iemand had twee kinderen. Hij ging naar de eerste en zeide: Kind, ga en werk vandaag in de wijngaard. En hij antwoordde en zeide: ja, heer, maar hij ging niet. Hij ging naar de tweede en sprak evenzo. Deze antwoordde en zeide: Ik wil niet, maar later kreeg hij berouw en ging toch.

Marion en ik waren zaterdagochtend 15 september j.l. in het Olympisch Stadion tijdens de viering van het honderdjarig bestaan van de Pinksterbeweging in Nederland. Het was prachtig weer en we zaten met duizenden op de groene grasmat. Ik vermaakte me prima tijdens het programma en vele gedachten gingen er door mijn hoofd. Zo moest ik denken aan al die anonieme, getrouwe mensen die God en zijn gemeente door de jaren vaak trouw gediend hadden. Bescheiden krachten in hun generatie. Ik maak er nog steeds geen geheim van dat ik een zwak voor hen heb. In veel gemeenten waar ik mag dienen kom ik ze nog regelmatig tegen. Maar deze broeders en zusters worden schaarser!!! Aan hen moest ik tijdens dit jubileum denken en hun getrouwheid vulde me met dankbaarheid.

Halverwege het programma werd het offer aangekondigd. De penningmeester maakte, zonder omhaal, duidelijk wat er nog aan geld moest binnenkomen. Toen de emmer Marion en mij had bereikt keek ik er onbedoeld in. Het gaf me een enorme domper. Ik overdrijf niet, het deed me pijn: wat weinig! Ik begreep ook meteen de matheid die ik die ochtend onder het zingen ervoer; en het lag beslist niet aan de geweldige groep van Kees Kraayenoord. Het was een kwestie van veler harten. In de Bijbel zegt God: "Dit volk eert Mij met de lippen, maar hun hart is verre van Mij, tevergeefs eren ze Mij."

Een kwestie van liefhebben
Het valt me telkens weer op hoe accuraat Jezus bepaalde type mensen in zijn gelijkenissen neerzet. In de vijfendertig jaar dat ik God mag dienen ben ik al die voorbeelden uit Jezus' gelijkenissen tegen gekomen. Mensen uit de evangeliën werden voor mijn ogen en oren vlees en bloed. Van tijd tot tijd herkende ik natuurlijk ook mezelf in de gelijkenissen, maar dat is ook de bedoeling van deze vorm van onderwijs. Het is dan ook niet erg wanneer wij door een verhaal van de Heer aan onszelf ontdekt worden. Belangrijker is datgene wat we er vervolgens mee doen.

We zien dit bijvoorbeeld in de gelijkenis van de zaaier of de gelijkenis van het tweeërlei fundament. Over deze eerste parabel wil ik trouwens een keer spreken met als thema: Waar haakt u af? Want inderdaad: velen zijn geroepen, maar weinigen zijn uitverkoren. Wat doet deze vermaning van Jezus nog met ons? Halen we onze schouders op of onderzoeken we ons hart? Kijk we komen zeker achter de bedoeling van deze woorden. De vraag is echter: aan welke kant van het graf?

Woorden of daden
In de gelijkenis van dit artikel gaat het over twee zonen. Hun vader vraagt beiden om hem te helpen in de wijngaard. De één roept meteen dat hij het zal doen (en wat heb ik al veel van dit soort personen gezien), maar als het er op aankomt blijken het alleen maar woorden. Verbaal geven ze de juiste respons. Ze roepen waarschijnlijk ook op de juiste momenten 'amen', maar ze hebben geen wortel en dus ook geen vrucht. De tweede zoon staat model voor het type dat helemaal niet zo gewillig lijkt. Deze personen lijken op voorhand al afgeschreven. Maar kijk hoe bijzonder het kan gaan. Sommigen van hen krijgen berouw. En ze komen alsnog tot daden.

De liefde
Wat maakt het verschil? Waarom de één wel en de ander niet? Het antwoord dat ik zo zal geven zal niet door iedereen in dank worden afgenomen, maar het is de waarheid. Dit antwoord is niet een gissing of een vermoeden, het is de vrucht van jarenlange ervaring en een steeds beter verstaan van Gods Woord. We hadden het al even genoemd, het zijn Gods eigen woorden: "Dit volk eert Mij met de lippen, maar hun hart is verre van Mij". Anders gezegd: Ze houden niet van Mij. Er is bij hen onvoldoende liefde om voor de dingen van God in beweging te komen. En als er al beweging is dan is die van korte duur. De liefde is te zwak en het is dan ook een kwestie van tijd, dan wordt het geestelijke bijltje erbij neergegooid. Jammer. Jammer voor de voortgang van het Koninkrijk en jammer voor degene die afhaakt. Er is een dubbel verlies, maar de persoon die afhaakt verliest het meest.

Als voorganger moet ik mensen voor bepaalde zaken waarschuwen. Daarna is het verder tussen de persoon en God en geef ik het aan de Heer over. Het is daarom niet aan mij om te oordelen, maar wat mij persoonlijk wel eens frustreert is de lompe ondankbaarheid van sommige mensen. Die onbegrijpelijke houding, waarbij men vindt dat God blij moet zijn met elke kleine bijdrage of inspanning van hun kant. Als we zo denken en voelen dan hebben we er werkelijk niets van begrepen.

Het functioneringsgesprek van Petrus
Na de opstanding van Jezus uit de dood is Hij diverse malen aan zijn leerlingen verschenen. Eén van die ontmoetingen is door Johannes beschreven in Johannes 21: 15-19. De discipelen zijn aan het vissen. De hele nacht hebben ze doorgewerkt maar niets gevangen. Vroeg in de ochtend staat er een man aan de oever van het meer. Hij vraagt of ze iets te eten hebben. Ze roepen van niet. Dan zegt de persoon dat zij het net aan de rechterzijde van het schip moeten werpen en dat ze zullen vinden. Aldus geschiedt. Het net blijkt vol vis te zijn en dreigt zelfs te scheuren vanwege de hoeveelheid. Eenmaal aan land begint de man, die ze inmiddels als de Heer herkend hebben, een gesprek met Petrus.

Petrus die de Heer driemaal verloochend had. Tot driemaal toe vraagt de Heer aan deze impulsieve leerling of deze Hem waarlijk liefheeft. Waarom vroeg Jezus niet aan Petrus of hij er klaar voor was? Waarom vroeg Hij niet gewoon of hij bereid was in de wijngaard te werken en of hij nu wel bereid was om voor Hem te sterven? Maar dat vroeg de Heer allemaal niet. Hij vroeg: "Petrus heb je me waarlijk lief?" En op de positieve respons van Petrus kreeg hij te horen, dat hij voor Jezus' schapen moest zorgen. Deze twee dingen kunnen we niet scheiden. De liefde voor Jezus vertaalt zich altijd in onze houding naar de naaste en niet alleen die naaste waarmee het toevallig klikt.

Waar gaat het bij ons om?
Jezus weet wat er voor komt kijken om Hem te kunnen dienen. Los van enthousiasme, bepaalde kwaliteiten en goede bedoelingen is er iets veel wezenlijker dat Jezus zoekt: liefde voor Hem, liefde voor de Vader. Jezus wilde van Petrus horen, wat Hij overigens allang wist, of hij Jezus waarlijk liefhad. Petrus moest voor zichzelf aangeven of zijn hart verre van de Heer was of niet. Daar Petrus Jezus werkelijk liefhad werd hij weer in dienst genomen. Vanwege deze liefde maakte de Heer hem ook bekwaam (dankzij de zalving van de Heilige Geest) voor zijn taken.

Inderdaad, hij overwoog onder grote druk om het op te geven. Jezus’ arrestatie had hij niet voor mogelijk gehouden. Hij was zo van slag dat hij Hem zelfs driemaal verloochende. Maar… hij had de Heer ondanks dat werkelijk lief. Zo kon hij uiteindelijk tot grote zegen worden in de wijngaard.

Waar zal ik u de komende jaren kunnen aantreffen? In de wijngaard of midden in de welvaart; op een plaats uit liefde voor God of op de plek van 'ik en mijn genot'? Ik hoop voor u in de wijngaard. Maar wat uiteindelijk nog veel belangrijker is, wat zullen we antwoorden als de Heer aan ons vraagt: Heb je me waarlijk lief? Kunnen we dan met Petrus zeggen: Ja Heer, U weet dat ik U liefheb en ik houd van de Vader?

Jan Meijerink

Ga terug naar het overzicht met studies